Linkdump
op wintersport
De koffer staat klaar en het lijstje van spullen die ik niet moet vergeten ligt ernaast.Ik ben er nog niet uit welke laarzen ik mee ga nemen.
Mijn zonnebril moet ik nog even uit de auto pakken.
De poezenoppas is geïnstrueerd.
De kattenbak is verschoond en de planten hebben water gehad.
M'n skibroek was ik kwijt, maar die bleek nog gewoon in het hotel (we gaan altijd naar hetzelfde hotel) te liggen.
Vriendin L staat morgenochtend om half acht voor mijn deur om me naar de luchthaven te brengen.
Mijn lichaam is nog in druilerig Nederland, maar mijn hoofd is al in wit Zwitserland.
Ja dat kan.
Morgen zijn mijn hoofd en lichaam weer een geheel. Zonder hulp van de Hanzen Klok en Kazan.
Ik heb er zin in. Tot over anderhalve week!
lunchen met mijn moeder
De traiteur waar je ook kunt lunchen zat bomvol."Volgens mij is er geen plek hoor", zei ik tegen mijn moeder. "Laten we maar naar de overkant gaan".
"Ik zie anders wel een tafeltje", antwoordde mijn moeder. "Kijk daar", zei ze en ze wees naar een tweepersoonstafeltje tussen twee andere tafeltjes in.
Stiekem had ik het tafeltje ook al gezien. Maar ik had ook gezien dat er een bekende voetballer aan het tafeltje links van het tafeltje zat en twee dames die ik afgelopen zondag op een Charity gala zag, aan de andere kant zaten. En dat leek me dus geen relaxed bijkletstafeltje. Ik zou te afgeleid worden.
"Jaaa", zei ik tegen mijn moeder. "Maar het is zo'n krap tafeltje. Kunnen we niet naar de overkant?"
"Onzin", vond mijn moeder. "Hier hebben ze beste broodjes en fijnste service. We blijven hier".
En dus wurmden mijn moeder en ik me aan het tafeltje in het midden. Mijn moeder stootte bijna de spa van de vrouw van de bekende voetballer om met haar tas en had niks door. Net zoals ze niet door had dat het een heel bekende voetballer was.
"Zo", zei ze toen we geïnstalleerd waren. "Vertel me alles over het gala. Werd er een beetje geboden tijdens de veiling? Of waren het weer alleen de patsers die boden?"
Nerveus giegelde en stotterde ik dat dat wel mee viel. Want op rechts ving ik meteen al de blik van een van de dames die ik op het gala zag en wiens man als een dolle op alle items tijdens de veiling had geboden.
"Oh hallo. Jullie ook hier", zei ik hypocriet tegen de dames op rechts die mij net zo schijnheilig teruggroetten.
"Hallo", knikte mijn moeder ook maar, aangezien ze door had dat ik de dames dus kende.
"Hoe kennen jullie elkaar", vroeg ze daarna.
"Zij waren ook op het gala zondag", antwoordde ik snel.
"Oooooh", zei ze en ik zag haar nadenken. Mijn moeder en ik lijken namelijk best veel op elkaar. We zijn allebei in staat om heel genante dingen te zeggen en dat niet door te hebben.
De serveerster kwam en bracht ons de kaart. We bestelden een jus en een koffie en probeerden het gesprek te vervolgen. Maar dat ging heel moeilijk want het kleine zoontje van de bekende voetballer dartelde op zijn allerschattigst om onze tafel heen en leidde mijn moeder af.
"Och kijk nou toch", wees mijn mama. "Wat een schattig jongetje. Wat zijn ze mooi hè die halfbloedjes".
Trots aaide de vrouw van de bekende voetballer, die zelf ook geen onbekende styliste is, over haar zoontjes hoofd en knikte.
"Mijn dochter is ook een mix", ging mijn moeder verder en wees naar mij. "Dat kun je wel zien hè want ik ben hartstikke blond en zij donker..."
"Ja dat kunnen ze wel zien mam", interrumpeerde ik haar en ik knikte beleefd naar de styliste.
Ze knikte beleefd terug maar wilde toch graag weten waar mijn vader dan vandaan kwam. Daar wilde mijn moeder natuurlijk dolgraag op antwoorden. Niet omdat ze doorhad dat dit twee BN'ers en een bekende peuter waren want dat had ze niet. Gewoon omdat ze heel sociaal is en het leuk vindt om met wildvreemden onze familiegeschiedenis te bespreken. En om nog meer genante dingen te zeggen, want dat zou ze vast nog wel gaan doen, dacht ik en dus ging ik maar even naar het toilet. Als ik zenuwachtig ben, ga ik altijd plassen.
"Goed. Waar waren we gebleven", vroeg mijn moeder toen ik terugkwam. "Het gala. Je ex was er nog hoorde ik van papa?"
"Ja", knikte ik terwijl ik me wel degelijk bewust was van het feit dat het gesprek op rechts ophield omdat de dames van wie er een de beste vriendin van de schoonzus van mijn ex is, daar natuurlijk alles over wilden weten.
"En hij kwam nog met je praten terwijl je met iemand anders in gesprek was?"
'Ander onderwerp', dacht ik.
"Hoe laat gaan jullie donderdag rijden naar Zwitserland", vroeg ik.
"Oh ja", zei mijn moeder. "Dat wilde ik je nog vertellen. L'tje komt een paar dagen later. Want hij hockeyt nu in het nationale team en hij heeft verplichtingen".
"Wat leuk", merkte ik op. "Dat wist ik helemaal niet".
"Grappig hè", ging mijn moeder verder. Terwijl zijn opa en vader altijd voetbalden. Toch fijn dat hij dan gaan hockeyen is. Dat hij gewoon is gaan doen wat hij wilde doen en omdat hockey een véél beschaafdere sport dan voetbal is".
Daar was hij. Het kersje op de taart. De meest genante opmerking van de lunch. Op rechts leek ik de dames op rechts te horen gniffelen en even had ik het gevoel in een comedy beland te zijn.
Ik was dolblij dat de serveerster onze bestelling kwam opnemen en de dames op rechts hun rekening bracht.
De rest van de lunch heb ik mijn moeder redelijk kunnen behoeden voor het maken van nog meer genante opmerkingen.
En toen we uiteindelijk drie kwartier later weer buiten stonden en ik mijn moeder vertelde over de bekende voetballer op links en de dames van het gala op rechts, zei ze: "Ik dacht al dat ik dat stel ergens van kende. Maar goed dat ik geen genante dingen heb gezegd".
het jongens slash klassefeestje
Toen ik binnenkwam trof ik vier volwassen mannen op de bank. Ze waren druk bezig, het verzamelboek op schoot, stapels plaatjes sorterend. Hier was een ware ruilhandel aan de gang."Heb jij ook je voetbalplaatjes bij je", vroeg gastheer T.
"Nee", zei ik. "Ik geef ze altijd weg aan kleine jongetjes in de supermarkt".
Vervolgens werd ik vermanend toegesproken. Dat kon toch niet! Ik had toch vrienden die die plaatjes graag wilden hebben. Alsof ik dat kon weten.
"Komen er nog meer vrouwen behalve D", vroeg ik aan de gastheer die de enige was die nog een beetje een gesprek met me voerde aangezien de rest blijkbaar belangrijkere dingen aan zijn hoofd had.
"F komt ook. Maar dat was het wel".
"Fijn, dan kan ik daar mijn ponyclubplaatjes mee ruilen".
Na tien minuten gesprekken proberen aan te knopen, veranderde ik mijn tactiek en veinsde ik interesse in het voetbalplaatjesruilgebeuren.
"Goed. Laat me je boek eens zien", zei ik tegen de meest volwassenste man die mij verteld had dat hij de plaatjes voor zijn zoontje spaarde. De rest gaf eerlijk toe dat het om jeugdsentiment ging.
I kwam naast me zitten en liet me trots zijn verzamelboek zien. "Kijk deze heb ik bijna compleet", legde hij uit. "En van deze club moet ik er nog heel veel".
"Waarom zitten die plaatjes er zo scheef in en waarom is er hier getekend", vroeg ik terwijl ik naar wat plaatjes en tekeningen wees.
"Dat heeft mijn zoontje gedaan", legde I uit. "Die mag nu dus niet meer aan het boek zitten".
"Maar het is toch zijn boek", vroeg ik verbaasd. "Je spaart toch voor hem?"
I keek me aan met een blik alsof ik zojuist de meest domme opmerking ooit had gemaakt.
En ik begreep het. Voor zijn zoontje sparen. Yeah right. Voetbalplaatjes zijn serious business.
Bij elke nieuwe vent die binnenkwam herhaalde zich hetzelfde ritueel. Er werd de eerste tien minuten weer druk in stapels gezocht en de bewuste nieuwe gast was vervolgens niet aanspreekbaar totdat hij een paar nieuwe exemplaren gevonden had.
Gelukkig werd het uiteindelijk nog heel gezellig. T had een sjoelcompetitie georganiseerd met een heuse prijs. Er werd druk geyoutubed met liedjes als 'eye of the tiger', 'whe are the champions' en 'under pressure' om de juiste muziek bij de sjoelcompetitie te draaien.
Het feestje voelde inderdaad als jeugdsentiment, als een klassefeestje. Eerst was er een ruilbeurs, toen een heuse competitie en daarna liep het uit in een bonte avond.
En toen ik naar huis ging beloofde ik de mannen dat ik nooit meer voetbalplaatjes aan vreemde jongetjes zou geven.
Boys are beyond the range of anybody's sure understanding, at least when they are between the ages of 18 months and 90 years.
- James Thurber
Over X Factor en het bevestigen van vooroordelen
Het heeft me weer te pakken. Het X Factor virus. Ik kan er niets aan doen. Ik ben dol op getalenteerde mensen op muziek, zingen en getalenteerde mensen die iets kunnen wat ik niet kan.Ik krijg kippenvel van het kijken naar bepaalde fragmenten en als ik iets leuk vind dan wil ik iedereen dat laten weten. Dat had ik vroeger al met muziek. Als ik een cd goed vond dan moesten mijn ouders, vrienden en huisgenoten die cd ook goed vinden en dan draaide ik hem net zo lang totdat ik ze gehersenspoeld had hoe goed de bewuste groep of artiest was.
Zo ook nu. Dit keer was mijn vader het slachtoffer. "Pap, je moet het zien", zei ik door de telefoon.
"Goed", antwoordde hij na mijn jehovagetuigeachtige gedram. "Stuur maar wat filmpjes door".
'Jeeej', dacht ik en begon druk fragmenten van Youtube te knippen om ze vervolgens in een mail te plakken. Toen mijn X Factor wervingsmail afwas, keek ik alles nog eens na. Ik las de motiverende teksten bij elk filmpje en keek de filmpjes nog maar eens een keer. En toen viel het me pas op.
Mijn muzieksmaak is bevoordeeld. En hoe graag ik ook geen voordelen zou willen hebben, daar kan ik dus echt helemaal niets aan doen.
Vriendschap is vaak geen illusie
Het was maar een gewone zondag, maar toch stonden er twee bijzondere ontmoetingen gepland.Toen ik opstond voelde het alsof ik weer een kind was en ik mijn verjaardagspartijtje die dag zou hebben.
's Middags ontmoette ik twee vrouwen (haar en haar) die ik al jaren als vriendinnen beschouw voor het eerst en zag ik haar na een jaar voor de tweede keer, terwijl het leek alsof we elkaar vorige week nog uren samen aan de bar hadden gehangen.
We voerden gesprekken zonder stiltes en ondanks we elkaar via het koude medium internet leerde kennen, voelde het samenzijn als een warm bad. Vier totaal verschillende vrouwen met verschillende levens en een gedeelde passie die toch misschien wel veel meer met elkaar gemeen hebben dan we zelf hadden kunnen vermoeden.
’s Avonds had ik een wederzien met mijn jeugdvriendje. We hadden elkaar ongeveer twintig jaar niet meer gezien en de aanleiding dat we elkaar zagen, was eigenlijk niet goed, maar de ontmoeting zelf was meer dan goed.
We praatten over vroeger en nu. Hij sprak over zijn herinneringen en ik vertelde hem dingen die hij niet meer wist. De herinneringen vulden elkaar aan en opeens vielen dingen uit het verleden weer op zijn plaats en vormden de puzzelstukjes samen een helder beeld.
M en ik gingen samen naar de peuter-, kleuter- en lagere school. Door ons werden onze moeders vriendinnen en werden keuzes over M en mij samen gemaakt. Samen gingen we op paardrijles, speelden en logeerden we bij elkaar, lachten en huilden we met elkaar. De eerste leuke en nare dingen van het leven maakten we samen mee. Toen ik hem weer zag, voelde het niet alsof ik een vriend weer zag, maar alsof ik een familielid weer terug heb gevonden.
Het Goede Doel zong ooit een liedje; Vriendschap is een illusie. Soms is dat ook zo. Maar vaak ook niet. Soms blijkt een vriendschap die een illusie kon blijken er toch echt geen te zijn en soms blijkt een vriendschap die over leek te zijn, weer heel makkelijk tot leven gewekt te kunnen worden als een pakketje chroom met een dun laagje schroot.
het moeilijkste gesprek dat ik ooit voerde
In mijn hyves mailbox zat een mailtje van iemand die dacht niet te kennen, maar toen ik het bericht opende bleek het te komen van een vriendinnetje uit een ver ver verleden. Ze was inmiddels getrouwd en haar achternaam was veranderd.'Lieve Kaat', schreef ze. 'Ik hoop dat alles goed met je gaat. Misschien is het raar dat ik je nu mail na al die jaren en ik mail je ook nog omdat ik je hulp nodig heb. Ik ben zwanger en ik heb een vraag. Zou ik je mogen bellen? Liefs X'.
'Natuurlijk', mailde ik terug. 'Hier heb je mijn 06 nummer'. Al was ik wel een beetje verbaasd waarom mijn zwangere jeugdvriendinnetje een vraag over haar zwangerschap aan mij wilde stellen. Ik ben nou niet bepaald een ervaringsdeskundige op het gebied van zwangerschappen, al heb ik in mijn omgeving al heel wat baby's geboren zien worden en tig bevallingsverhalen gehoord, variërend van rozengeur en maneschijn verhalen tot de gruwelijkste horror ervaringen.
Een uur later belde ze. "Komt het uit", vroeg haar vertrouwde stem.
"Ja hoor", antwoordde ik terwijl ik de laatste hap van mijn boterham wegslikte.
In een paar minuten haalden we de afgelopen 20 jaar in. We praatten over studies, woonplaatsen, werkverleden en huwelijken en toen vertelde ze de reden waarom ze belde. Ergens had ik al een vermoeden dat de reden misschien niet zo leuk zou zijn, maar toen ze het vertelde, werd ik heel verdrietig.
X had net te horen gekregen dat haar kindje dat in haar buik groeide, gehandicapt zou worden.
"Ik ken niemand in mijn omgeving die een gehandicapt kind heeft", vertelde ze. "En toen dacht ik opeens aan jou. Dat jouw zusje gehandicapt is. Dus als je het niet erg vindt, wil ik je daar wat dingen over vragen".
"Dat vind ik natuurlijk niet erg", zei ik haar en in het half uur dat volgde beantwoordde ik al haar vragen. Nooit dacht ik zo bewust over mijn woorden na. Nooit voerde ik zo'n moeilijk gesprek. Een gesprek waarin mijn woorden zouden meewegen in de keuze tussen leven en dood, zo zou later blijken. Ik vertelde hoe gelukkig mijn zusje is en hoe blij wij zijn dat wij mijn zusje hebben. Ik vertelde dat het soms ook heel moeilijk is, maar dat ik achteraf heel blij ben dat mijn ouders deze keuze nooit hebben hoeven maken omdat ze het simpelweg vantevoren niet wisten. Ik zei haar dat je verschillende handicaps niet met elkaar kan vergelijken.
Het was het moeilijkste gesprek dat ik ooit voerde, maar ik ben blij dat ik het voerde. Hopelijk heb ik X een heel klein beetje kunnen helpen bij de moeilijkste keuze die zij ooit zal moeten maken.
Op een oude fiets
Michael Jackson noemde ik hem. Omdat hij steeds meer uit elkaar viel. Het begon bij de voorlamp, achterlamp en bel en het eindigde met het spatbord en de bagagedrager.Vier jaar had ik hem. En daar had hij al een onderscheiding voor moeten krijgen. 'Langst niet gejatte fiets' in Amsterdam, dat is toch knap. Terwijl ik toch redelijk nonchalant met hem omging. Ik liet hem regelmatig midden in het centrum staan op maar een slot en nam dan een taxi naar huis. Ondankbaar wezen dat ik was, mijn fiets wilde toch niet van me af en liet zich niet stelen.
Op een gegeven moment ging het niet meer. Zijn banden liepen steeds vaker leeg en er viel niet meer tegen op te pompen. Bovendien is het vrij vervelend als je tijdens het fietsen telkens weer eens een onderdeel van je fiets verliest. Ik bereidde mezelf er op voor dat ik wellicht een nieuwe fiets zou moeten kopen.
Dat voorbereiden ging over in oriënteren en samen met Michael Jackson ging ik langs diverse fietsenmakers.
"Die oude fiets daar geef ik niks voor", zei de ene fietsenmaker terwijl hij misprijzend naar mijn Michael keek. "Die kun je net zo goed bij het grof vuil zetten".
"Ik geef 40 euro voor je oude fiets, maar ik het is een symbolisch bedrag want ik kan er niets meer mee. Ik haal hem uit elkaar en ik kan alleen nog wat onderdelen gebruiken", zei de andere fietsenmaker.
Daar kon ik me meer in vinden en dus kocht ik bij de andere fietsenmaker een nieuwe tweedehands fiets. Hij zou nog een leuk bakkersrekje op de nieuwe fiets monteren en tegen vieren kon ik hem ophalen.
's Middags ging ik op kraamvisite bij oud huisgenootje N en heel bewust fietste ik de laatste ritjes op Michael Jackson.
Tijdens de rit naar de fietsenmaker om mijn nieuwe fiets op te halen, haalde ik herinneringen op. Aan hoe ik vroeger door weer en door wind elke dag op Michael Jackson naar mijn werk had gefietst. Aan hoe ik 's nachts ooit naar huis fietste met meer alcohol in mijn bloed dan bloed zelf en over de kop sloeg en Michael's stuur in mijn laars belandde. Aan hoe ik ooit steunend op Michael had staan zoenen met een vriendje.
Het was een mooie dag, de zon stond laag aan de hemel en in mijn hoofd speelde ik een treurig melodietje af. Mijn laatste ritje op Michael Jackson. De fiets die mij altijd trouw was gebleven en die een dezer dagen uit elkaar gehaald zou worden. Ik werd waarempel emotioneel. Om mijn mooie oude blauwe fiets.
Tergend langzaam fietste ik naar de fietsenmaker en wierp ik nog heel bewust een laatste blik op hem voordat de fietsenmaker hem naar achteren reed en mij mijn nieuwe fiets overhandigde.
Hopelijk vinden zijn onderdelen die ik niet op straat verloren ben mooie plekjes op andere fietsen en zullen er ooit mensen op verschillende fietsen net zo veel plezier aan Michael Jackson beleven als ik ooit gedaan heb.